Donderdag heb ik de peultjes geplant. Ik had ze vorige maand op een oud vaatdoekje laten voorkiemen en de wortels waren helemaal door het doekje heen gegroeid. Daardoor braken ze grotendeels af toen ik ze er uit probeerde te peuteren en waren mijn verwachtingen niet te hoog over hoe ze het zouden doen. Wonder boven wonder zijn ze bijna allemaal aangeslagen!
Ik had wel schromelijk overschat hoeveel planten er langs het rek zouden passen (ik geef toe: mijn motto “doe meer met ongeveer” is een handiger motto voor iemand die daadwerkelijk goed is in maten inschatten, of de moeite neemt om de vakjes van het rek te tellen) en heb het hoge rek helemaal moeten gebruiken, aan beide kanten, om de peultjes in te planten: zo’n 36 in totaal. Dat is wellicht wat veel, maar misschien overleven ze het niet allemaal. Over een tijd gaan de komkommers daar, maar die zullen pas in juni zo ver zijn.
De sugar snaps heb ik vrijdag ingeplant, langs een tweede rek. In een dubbele rij. Want ook hier werkte “doe meer met ongeveer” wat matigjes. De doperwten zijn een kleine soort en die heb ik langs een laag rekje geplant, in dubbele rijen. Met 80 doperwt planten (een handje zal wel ongeveer goed zijn...) zullen we toch over een paar maanden wel een keer doperwten kunnen oogsten in de tuin! Ik heb alle plantjes lekker ingestopt in een laagje wol. De wol beschermt de planten tegen uitdroging en hopelijk tegen slakken, de eerste ben ik al weer tegen gekomen, kruipend over de bodem.

Deze dagen zat ik natuurlijk sowieso met mijn neus óp en handen ín de bodem van mijn moestuin en zie dan alles wat daar kruipt en rent. Op mijn opleiding leer ondertussen veel over verschillende bodemsoorten en hun ontstaansgeschiedenis. Dat ik op kleigrond tuinier wist ik - dat zie je en merk je zodra je een spade in de grond wilt steken - maar het is nog specifieker: komgrond. Dat is heel zware rivierklei; ooit stroomde hier blijkbaar een rivier langs, waarschijnlijk de Rijn. Volgens Wikipedia is komgrond “vaak nat en moeilijk te bewerken. (…) Bij landbouw dient noodzakelijke grondbewerking voor de winter te gebeuren, zodat door vorstwerking de klei kapotvriest tot prisma-achtige deeltjes.” Oh en je schijnt er bakstenen en dakpannen van te kunnen kleien.
Toch heb ik dat niet gedaan en ik heb er geen spijt van (alhoewel, dat kleien: gemiste kans). We hebben vorig voorjaar een laag karton en 10 cm compost op de aarde verspreid en in de herfst heb ik het afgedekt met bladeren. Vooral op de plekken waar we vorig jaar ook niet liepen (ik heb de indeling van de bedden wat veranderd) is het echt mooie grond geworden, vol leven. Ik blijf het afdekken, hopelijk houdt dat de aarde zo mooi zwart en rul en krioelend van het bodemleven.

Thuis heb ik ’s middags met de kinderen nog wat ui voorgezaaid, dit weekend wil ik echt de tomaten gaan zaaien. Maar volgens mij heb ik dit weekend nog iets anders te doen.... Daarover volgende keer meer.
Member comments